Door Yvette Kopijn namens Stichting Zieraad

 

Als je Hans zou kennen, dan zou je weten dat hij in 1958, na alle verschrikkingen van de oorlog en de Bersiap, zijn toevlucht nam tot Nederland, zijn geboortegrond Indië/Indonesië voorgoed achter zich latend. Hier in Nederland moet hij onderaan de ladder opnieuw beginnen. Nederland heeft zijn eigen oorlogstrauma, er is geen ruimte voor zijn pijn en zijn verdriet. Zijn zoon groeit op met het idee dat hij beter moet zijn dan ‘die Belanda’s’. Het steeds misgrijpen in het verlangen naar erkenning maakt liefde onmogelijk. Het oorlogstrauma van Hans werkt als een zweep die vlees verscheurende slagen uitdeelt. Als je Hans zou kennen, dan zou je weten dat hij zijn zweep doorgeeft aan zijn zoon. Je zou weten dat zijn zoon die zweep vervolgens loslaat op zijn eigen zoon. Hans is inmiddels overleden, en zijn zoon geselt zichzelf, nu zijn kinderen hem hebben verlaten. Als je Hans zou kennen, dan zou je weten dat Hans mijn opa is” – Carel-Vincent van de Graaff.

 

Hoe oorlogstrauma’s doorwerken

Een kleine maand geleden werd ik gevraagd een persoonlijke column uit te spreken tijdens de vierde ‘aflevering’ van Gepeperd Verleden: een debatreeks over het koloniale verleden en postkoloniale heden van Indische Nederlanders, georganiseerd door Het Indisch Herinneringscentrum. Vlak voordat ik moest spreken, nam Carel-Vincent van de Graaff het woord. Als derde generatie blikte hij terug op zijn Indische familiegeschiedenis en legde hij het oorlogstrauma bloot waar veel Indische gezinnen nog steeds mee worstelen. Zijn woorden sneden mij dwars door de ziel. Als kind van een Indische vader, die tijdens de Bersiap – de gewelddadige periode die volgde op de capitulatie van de Japanners en voorafging aan de dekolonisatieoorlog tussen Nederland en Indonesië – met zijn moeder en zusjes in een Indonesisch kamp terechtkwam, heb ik aan den lijve ondervonden hoe oorlogstrauma’s doorwerken, met alle gevolgen van dien.

 

 ‘Indisch Zwijgen’.

In veel Indische gezinnen blijft het verleden omhuld door een hardnekkig ‘Indisch Zwijgen’. Het verleden is vaak zo omgeven door trauma, ontworteling en verlies, dat men er liever het zwijgen toe doet. Tel daar de assimilatiedruk bij op, waarmee onze Indische (groot)ouders geconfronteerd werden toen zij in Nederland een veilig heenkomen zochten en het hoeft ons niet te verbazen dat stilhouden, zwijgen en aanpassen de boventoon voeren in de manier waarop zij omgaan met het verleden. Een omgang met het verleden die niet alleen het contact tussen generaties bemoeilijkt, maar jongere generaties bovendien afhoudt van kennis over hun afkomst en identiteit.

 

Het zwijgen doorbreken

Wie waren mijn grootouders en mijn overgrootouders? Wie was mijn Indonesische voormoeder, de vrouw waar wij als Indische groep uit voort gekomen zijn? Hoe voelde, rook, proefde Indië, het land dat na de onafhankelijkheid van Indonesië uiteindelijk ophield te bestaan? Het zijn vragen waarop jongere generaties maar moeilijk een antwoord vinden. Zoals de Indische performer, dichter en muzikant Robin Block, ook derde generatie, die in zijn voorstelling ‘Samudra’ (Indonesisch voor ‘Oceaan’), dezelfde reis terug maakte als die zijn grootouders aanvaardden toen zij in 1949 Indië/Indonesië ontvluchtten – om in het hedendaagse Indonesië op zoek te gaan naar zijn wortels en naar achtergebleven familie. Door in zijn voorstelling openlijk te praten over zijn familiegeschiedenis, probeert Robin de erfenis van generaties lang zwijgen te doorbreken en ruimte te maken voor heling en verzoening – niet alleen voor zichzelf, maar ook (en wellicht vooral) voor de generaties die hem voorgingen.

 

Als je weet waar je vandaan komt, dan kun je ook beter bepalen wie je bent en waar je naartoe wilt. Maar voor Indische jongeren – en dat geldt waarschijnlijk ook voor Molukse jongeren – komt daar nog iets bij. Weten waar je roots liggen en door wie je gevormd en gevoed bent, betekent ook: alsnog kunnen wortelen en heling vinden, dwars door trauma’s heen.

 

Delen is helen

Delen is helen en door te delen worden we meer. Vanuit dat besef start Stichting Zieraad in het voorjaar van 2019 het project Tracing Your Roots, waarin we jongeren van Indische en Molukse afkomst uitnodigen om op zoek te gaan naar hun voorouders en hun familiegeschiedenis. Vier middagen lang maken jongeren kennis met genealogie en stamboomonderzoek. Ze duiken in het archief,  interviewen hun (groot)ouders en houden met de mobiele camera in de hand een dagboek bij over wat ze tijdens hun zoektocht ontdekken over hun familiegeschiedenis. Daarnaast brengen we de jongeren via gastlessen, toneel en muziek in contact met hun eigen geschiedenis. De Tracing Your Roots middagen worden afgesloten met een intergenerationele Familiedag, waarin jongeren in een kleine expositie laten zien wat zij ontdekt hebben over hun wortels, en waarbij er ruim gelegenheid zal zijn om verhalen en herinneringen met elkaar te delen en uit te wisselen.

 

Meer informatie over Tracing your Roots

 

Op de foto: Aankomst “Sibajak” in Rotterdam in aanwezigheid van koningin Juliana

Foto: [Behrens, Herbert / Anefo], Nationaal Archief / RVD Koninklijk Huis